Inhoud

Ook Nederlanders gedragen zich niet allemaal hetzelfde

Examen Kennis van de Nederlandse Maatschappij vernieuwd
18 mei 2026

Samenvatting

Vanaf 1 juli 2025 is het examen voor Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) vernieuwd. KNM is een van de onderdelen van het Nederlandse inburgeringsexamen.1 In dit onderdeel worden onder andere vragen gesteld over werk en inkomen, omgangsvormen, waarden en normen, wonen en staatsinrichting. Hoog tijd om aan drie ontwikkelaars van dit vernieuwde KNM-examen, Anja de Wijs, Sanne Stam en Inge Mulder te vragen2 waarom de vernieuwing nodig was en wat de veranderingen precies behelzen.

DUO-examenlocatie

Waarom was het nodig om het examen KNM te vernieuwen?

De KNM-examens zijn vernieuwd zodat ze beter aansluiten op de herziene eindtermen KNM. In de eindtermen KNM staat beschreven welke kennis en vaardigheden de inburgeraar moet beheersen om deel te nemen aan de Nederlandse samenleving. Deze kennis is geordend rond acht thema's, zoals werk en inkomen, instanties en staatsinrichting en de rechtsstaat.

Het examen KNM in de praktijk

Het examen KNM wordt digitaal afgenomen. De kandidaten beantwoorden meerkeuzevragen met drie antwoordopties. De vragen zijn verdeeld over acht verschillende thema's, zoals 'werk en inkomen' of 'wonen'. Het examen duurt 45 minuten en heeft 40 vragen.

De vorige eindtermen stamden uit december 2013. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) verzocht Cito BV in 2021 om de eindtermen te herzien, omdat de samenleving een aantal grote veranderingen heeft ondergaan. Zo is de wet- en regelgeving veranderd, zoals bij de Wet op de orgaandonatie, en hebben (digitale) communicatiemogelijkheden zich snel ontwikkeld. De overheid en diverse instanties communiceren steeds vaker digitaal en vragen aan de burgers om zelf zaken te regelen met DigiD. Zulke kennis is essentieel om mee te doen in Nederland. Verder hebben sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen gezorgd voor een toegenomen belang van kennis van bepaalde onderwerpen, zoals privacy van de burger, de Holocaust en het zelfbeschikkingsrecht voor vrouwen.

 Met wie hebben jullie samengewerkt bij het ontwikkelen?

Sociaal-maatschappelijke organisaties zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), VluchtelingenWerk Nederland en Pharos hebben een rol gehad in de herziening, evenals NT2-docenten en oud-kandidaten van het KNM-examen. De herziene eindtermen zijn te vinden in de Staatscourant van 16 mei 2024. Deze inhoudelijke wijzigingen en toevoegingen van de eindtermen vereisten nieuwe examenvragen.  

 In een interview in het blad De kanttekening vertelde Han Entzinger, emeritus hoogleraar migratie- en integratiestudies aan de Erasmus Universiteit, voorzitter van de adviescommissie die de nieuwe eindtermen moest formuleren, dat er best wel kritiek was op het vorige examen.

 'De kritiek was dat het onderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) heel normerend was, alsof alle Nederlanders zich hetzelfde gedragen. Dat is natuurlijk niet zo.'

en

'Door de nadruk te leggen op gedrag, werd de lesstof al snel bevoogdend. Paternalistisch misschien wel. Er kwamen vragen voor in het examen zoals: "Je buurman is jarig, wat is een gepaste reactie?"'

 Zijn deze 'kritische noten' verwerkt in de nieuwe eindtermen en dus ook in het examen?

Er was inderdaad ook nog een andere belangrijke reden om de examens te vernieuwen. In de oude examens werd vaak naar gedrag gevraagd: wat kan iemand het beste doen of zeggen in een bepaalde situatie? Die vragen sloten goed aan bij de oude eindtermen, die soms wat normatief waren geformuleerd. Vragen naar gedrag is echter een omslachtige manier om te toetsen of een kandidaat begrijpt hoe zaken in Nederland geregeld zijn. Bovendien zijn er veel persoonlijke en regionale verschillen. Ook niet alle Nederlanders gedragen zich hetzelfde. Het is belangrijk om dat in de lessen te bespreken. Multiple choice-vragen die vragen naar gewenst gedrag passen niet bij de diversiteit in de Nederlandse samenleving.

 Na de herziening zijn de eindtermen geformuleerd in een meer beschrijvende, feitelijke stijl. Dit zien we bijvoorbeeld terug in het thema 'Normen en waarden'. Daar is de eindterm: 'vat direct geuite feedback en kritiek niet persoonlijk op' weggelaten en moet de kandidaat nu weten dat '[...] veel mensen in Nederland zich direct kunnen uiten'. In plaats van dat we de kandidaat vragen wat die zou doen of zeggen bij direct geuite feedback en kritiek, vragen we naar regels en gebruiken.  

In plaats van vragen wat de kandidaat zou doen of zeggen bij direct geuite feedback en kritiek, vragen we naar regels en gebruiken

Dit maakt toetsing objectiever. Docenten hebben dan nog steeds de ruimte om in de les te bespreken hoe normen en waarden in de praktijk per persoon en regio kunnen verschillen, zonder dat de examenvragen een te beperkte of normatieve kijk op 'het juiste gedrag' opleggen.

Is er ook iets in de vorm veranderd?

Ja. De oude examens begonnen met een kort filmpje. In dit filmpje werden de personages en de situatie geïntroduceerd. Vervolgens kreeg de kandidaat een aantal opgaven over de casus in het filmpje. Deze vragen werden auditief aangeboden. Daarna kwam er een ander filmpje met een andere casus en andere personages. Alle vragen waren meerkeuzevragen met drie antwoordopties.

Dat is in de nieuwe examens nog steeds zo, maar de vragen zijn nu niet meer geclusterd per filmpje, maar per thema. Alle acht de thema's komen in elk examen aan bod. Verder bevatten de opgaven geen filmpjes meer. Op die manier wordt er gerichte informatie gegeven bij de opgaven. Bij de nieuwe examens staat er bij elke opgave één passende foto.

De laatste verandering is dat vragen nu zowel auditief als tekstueel worden aangeboden aan de kandidaat. Op die manier speelt de luistervaardigheid van de kandidaat een minder grote rol en meten we nauwkeuriger de kennis van de Nederlandse maatschappij.

We kunnen dit illustreren met een voorbeeld uit het oude examen en een uit het nieuwe examen.

Voorbeeld van een item uit het oude examen. De vraag die na de casusvideo auditief werd aangeboden, is: 'Samira woont in een huurflat in Zaandam. Ze gaat een huis kopen. Samira wil op 26 december een afspraak maken bij de bank. De bankmedewerker zegt: "Op 26 december is de bank gesloten." Wat kan Samira het beste zeggen?'

De vraag die hier auditief wordt aangeboden is: 'Welke feestdag is elk jaar op 25 december?'

Hoe kunnen kandidaten zich voorbereiden op het KNM-examen?

Op de website van DUO kunnen kandidaten oefenen met de taal- en kennisexamens. Op dit moment staan er twee oefenexamens KNM op deze website. Door te oefenen met de voorbeeldexamens krijgen kandidaten een idee van hoe de vragen en examens eruitzien. De oefenexamens zijn een goede voorbereiding op het examen, maar geen vervanging voor de lesstof. Omdat de examens nu meer gericht zijn op feitenkennis, is het belangrijk om de stof te leren door middel van een cursus of lesmethode. Er zijn inmiddels diverse methoden op de markt waarin de vernieuwde lesstof wordt aangeboden. We raden aan om niet alleen de stof te leren, maar ook de woorden die gebruikt worden in de oefenexamens en lesstof. Dit taalgebruik komt namelijk ook terug in het examen.

We raden aan om bij de oefenexamens en lesmethoden niet alleen de stof te leren, maar ook de woorden die worden gebruikt in de oefenexamens en lesstof

 Er is vaak verwarring over KNM en KNS. Kunnen jullie nog een keer kort uitleggen wat het verschil is?

Er is vaak verwarring over deze termen, omdat het huidige KNM in het verleden KNS (Kennis van de Nederlandse Samenleving) werd genoemd. Sinds de Wet inburgering buitenland in 2006 is dit veranderd en bestaan KNS en KNM los van elkaar. Er zijn twee grote verschillen tussen de examens KNM en KNS. Ten eerste is de doelgroep van beide examens verschillend. KNM is voor mensen die al in Nederland zijn en die moeten inburgeren of de Nederlandse nationaliteit willen krijgen. KNS is onderdeel van het basisexamen inburgering in het buitenland en bestemd voor mensen die naar Nederland willen komen voor gezinsvorming of -hereniging. Daarom wordt KNS afgenomen in het buitenland, op een ambassade of consulaat, terwijl KNM wordt afgenomen in Nederland, op een examenlocatie van DUO. Ten tweede wordt het KNS-examen op ERK-niveau A1 afgenomen en het KNM-examen op ERK-niveau A2.

 Een ander groot verschil is het doel van het examen. Het doel van KNS is het bijbrengen van kennis die zinvol is vóórdat iemand naar Nederland komt. Het doel van KNM is om iemand die al in Nederland is (verder) vertrouwd te maken met de Nederlandse maatschappij. Daardoor is de gevraagde kennis bij KNM diepgaander dan bij KNS. De eindtermen die bij de examens horen zijn dan ook verschillend. Overigens zit er wel een overlap tussen beide examens.

Afnameplek KNM-examen

De onderdelen MAP en ONA hebben niets met het KNM-examen te maken, maar de thema's kunnen elkaar overlappen. Kunnen jullie hier nog informatie over geven?

De gemeente regelt de MAP: de Module Arbeidsmarkt en Participatie. Hierin leren inburgeraars ook meer over de Nederlandse samenleving, maar dan vooral gericht op het vinden van werk. Dit leren ze daarbij ook in de praktijk, bijvoorbeeld door stage te lopen of vrijwilligerswerk te doen. In het KNM-examen staat de kennis met betrekking tot solliciteren centraal. Zo moeten kandidaten weten dat het voeren van sollicitatiegesprekken om voorbereiding vraagt. Bij de MAP gaan de kandidaten echt aan de slag met opdrachten, zoals het (her)schrijven van een sollicitatiebrief. Ook in het ONA-examen (Oriëntatie op de Nederlandse Arbeidsmarkt) staat oriënteren op werk en werk zoeken centraal, maar de doelgroep is anders: het ONA-examen was de voorloper van de MAP en is bedoeld voor inburgeraars die onder de oude Wet inburgering vallen (2013) of voor inburgeraars die vrijwillig willen inburgeren.

Correspondentie: klantenservice@cito.nl

Noten

  • 1.Het inburgeringsexamen is in Nederland verplicht voor mensen die van buiten de EU, IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland komen en voor langere tijd in Nederland komen wonen. Iedereen, behalve de deelnemers van de Z-route, die moet inburgeren in Nederland, moet naast verschillende taalexamens, het examen Kennis van de Nederlandse Maatschappij doen. Ook de inburgeraars die het Staatsexamen NT2 (Programma I of II) doen om in te burgeren, moeten verplicht het KNM-examen doen.
  • 2.Vragen in het interview zijn gebaseerd op informatie van de Rijksoverheid, Cito, de Kanttekening en DUO.
Print

© 2009-2026 Uitgeverij Boom Amsterdam


De artikelen uit de (online)tijdschriften van Uitgeverij Boom zijn auteursrechtelijk beschermd. U kunt er natuurlijk uit citeren (voorzien van een bronvermelding) maar voor reproductie in welke vorm dan ook moet toestemming aan de uitgever worden gevraagd:


Behoudens de in of krachtens de Auteurswet van 1912 gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikelen 16h t/m 16m Auteurswet 1912 jo. Besluit van 27 november 2002, Stb 575, dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoeding te voldoen aan de Stichting Reprorecht te Hoofddorp (postbus 3060, 2130 KB, www.reprorecht.nl) of contact op te nemen met de uitgever voor het treffen van een rechtstreekse regeling in de zin van art. 16l, vijfde lid, Auteurswet 1912. Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16, Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot de Stichting PRO (Stichting Publicatie- en Reproductierechten, postbus 3060, 2130 KB Hoofddorp, www.cedar.nl/pro).

No part of this book may be reproduced in any way whatsoever without the written permission of the publisher.

Laatste nummer

Les 237 | Sociale rechtvaardigheid

Schrijven voor Les?

Wil je schrijven over jouw eigen lespraktijk? Voor Tijdschrift Les zijn we altijd op zoek naar publicaties over de NT2-werkvloer. Daarom zijn we op zoek naar docenten die – als de gelegenheid zich voordoet - voor Les willen schrijven.

LEES MEER
Column

In zinnen. Volle zinnen. Poëzie in de NT2 klas

In zinnen. Volle zinnen. Poëzie in de NT2 klas
Sonnet-voor-El-K

Mieke de Haan is huisdichter van Les. Dit gedicht gaat over formeel of informeel taalgebruik: zeg je u of jij? Maar het gaat ook over de opstelling van stoelen en tafels in je lokaal. Staan die ook in een U-vorm? De lestip is om met je groep te praten over de beste opstelling in het lokaal en ook om het verschil tussen de aanspreekvorm je en u te bespreken.

Lees verder
Column
Uit de praktijk: Spelletjes in de les

Les wil graag ruimte maken voor columnisten die willen schrijven over hun ervaringen in de NT2-praktijk. Niet voor niets staat de oproep om voor Les te schrijven op LesOnline. Deze keer in de rubriek Uit de praktijk, een column van Jenneke de Nerée over spelletjes in de NT2-les.

Lees verder